ACV-Transcom CULTUUR
Nieuws & info over een breeeeed cultureel veld
ALGEMEEN: CONTACT / HOME / NIEUWS / Sitemap /
FOCUS: CAO Audiovisueel / CAO Muziek / CAO Podium /
FOCUS: Gezondheid /
Hoorzittingen / Kunstendecreet / Links / Pers / Wie zijn we /
STATUUT v/d KUNSTENAAR: STATUUT / Cachetberekening / Pensioen&Bijverdienen /
HomeBolkestein

Wij wensen Bolkestein naar Wolkenstein

 
Cultuur als koopwaar: Manifestatie tegen richtlijn-Bolkestein op 5 juni, Brussel
Omdat de ontwerprichtlijn-Bolkestein een ernstige bedreiging vormt voor de werknemersrechten, de openbare diensten en de sociale zekerheid, besloten ACV en ABVV om op zaterdag 5 juni een betoging te organiseren in Brussel tegen de ontwerprichtlijn. Diverse andere organisaties zullen mee opstappen. Er wordt verzamelen geblazen om 14u in de AlbertII-laan, vlakbij het Noordstation. klik de pdf met meer info

Op 13 januari 2004 heeft de Europese commissaris Frits Bolkestein een ontwerprichtlijn ingediend die alle hinderpalen die de ontwikkeling van dienstenactiviteiten en de voltooiing van de interne markt in de weg staan, uit de weg wil ruimen. De ontwerprichtlijn bepaalt dat de Europese lidstaten geen nationaliteitscriteria meer mogen hanteren voor wie een dienst wil aanbieden. En ze vereenvoudigt de toelatings-, erkennings- en vergunningsprocedures voor buitenlandse bedrijven. De doorgedreven liberalisering en deregulering van dienstenactiviteiten die Bolkestein voorstelt, zet het Europese sociaal model op losse schroeven. 

Welke diensten viseert de ontwerprichtlijn?
De ontwerprichtlijn is van toepassing op alle diensten aan bedrijven en consumenten, gaande van publiciteit, werving, met inbegrip van de uitzendbureaus, tot de handel, de schoonmaakdiensten en de bouw, maar met uitzondering van bepaalde transportsectoren (+ 3,5 ton), telecommunicatie, financiële diensten én de rechtstreekse en gratis door de overheid verleende diensten. Heel wat door de overheid georganiseerde of gesubsidieerde diensten zijn echter niet gratis: we betalen zelf onze postzegels, onze ziekenhuisfactuur of het inschrijvingsgeld aan een hogeschool. Bijgevolg is de richtlijn ook van toepassing op de meeste openbare diensten. Zo zullen ook gezondheid, onderwijs, cultuur, audiovisuele media, de diensten van de plaatselijke overheden,… als pure koopwaar beschouwd worden die volledig afhankelijk zijn van de marktwetten, zonder dat rekening gehouden wordt met hun specifieke karakter en hun sociale doelstelling. Het is onaanvaardbaar dat uiteenlopende diensten als architectenbureaus en ziekenhuizen op dezelfde manier worden behandeld.

Basisprincipes van de ontwerprichtlijn 
De ontwerprichtlijn gaat uit van twee principes: de  afschaffing van overbodig bevonden vergunningen en vereisten en  het principe van het oorsprongsland .

De richtlijn wil vooreerst alle soorten hinderpalen waarvoor geen dwingende reden van algemeen belang bestaat en die een rem vormen op de vestiging van een onderneming op het grondgebied van een lidstaat, verbieden. De impact van dat principe zal vooral in de gezondheidszorg voelbaar zijn. Hier dreigen immers heel wat eisen in vraag gesteld te worden: kwantitatieve en territoriale beperkingen voor de apothekers, subsidies verbonden aan een bijzonder statuut, tariefnormen,… Op die manier wordt de overheid op alle niveaus (plaatselijk, regionaal, …) elk actiemiddel ontnomen om een gezondheidsbeleid te voeren dat kwaliteitsvol is en ook voor iedereen toegankelijk blijft. Maar ook de hele sector van de sociale economie wordt bedreigd, in het bijzonder de wederinschakeling van kansarme groepen op de arbeidsmarkt. De activiteiten in het kader van de sociale economie gaan namelijk gepaard met erkenningen die tot doel hebben ervoor te zorgen dat de maatregelen wel degelijk de kansarmen bereiken. Er is echter geen enkele garantie dat deze regeling zal blijven bestaan als de richtlijn inzake de diensten werkelijkheid wordt. De regering zou zo een belangrijke hefboom kwijtspelen om deze mensen in te schakelen in het arbeidsproces.

Ook de begeleiding en de opleiding van werknemers (opleidingscheques, outplacement,…) komt onder druk.

Het tweede beginsel is dat van het  ‘oorsprongsland’ . Dit houdt in dat dienstverrichters enkel en alleen aan de nationale bepalingen van het land van oorsprong onderworpen zijn en niet aan de wetten van het land waar de diensten geleverd worden. Dit komt neer op een wettelijke aansporing om te verhuizen naar landen met de minst strenge wetgeving op sociaal, fiscaal en milieuvlak en er brievenbusondernemingen op te richten die, tegen spotprijzen, vanuit hun maatschappelijke zetel over het hele grondgebied van de Unie zullen kunnen uitzwermen. Het gevolg zal een enorme druk zijn op de landen met sociale, fiscale en milieunormen die het algemeen belang beter beschermen.